Internationale verdragen dwingen Curaçao tot milieueffectrapportages

· - leestijd 1 minuut
Afbeelding

WILLEMSTAD – Ook zonder uitgewerkte lokale wetgeving is een Milieueffectrapportage (MER) op Curaçao in veel gevallen juridisch verplicht. Dat stelt bioloog en jurist Jeff Sybesma in een opiniebijdrage op deze site. Volgens hem vloeit de plicht voort uit internationale verdragen, bestaande landsverordeningen en rechterlijke uitspraken.


Een MER is een onderzoek naar de milieugevolgen van een gepland project, uitgevoerd voordat het project start. Het doel is schade aan natuur en leefomgeving te voorkomen. Op Curaçao ontbreekt nog specifieke MER-wetgeving, maar Sybesma wijst erop dat dit de overheid niet ontslaat van de plicht tot onderzoek. “Men mag zich niet verschuilen achter het ontbreken van formele regels,” zegt hij.

Internationale en lokale basis

De belangrijkste juridische basis is de Landsverordening grondslagen natuurbeheer en -bescherming (LvGNat), die via het SPAW-protocol van de Cartagena Conventie bedreigde soorten en gebieden beschermt. Dat protocol verplicht voorafgaand onderzoek naar milieugevolgen, inclusief cumulatieve effecten, bij projecten die deze soorten of gebieden kunnen aantasten.

Daarnaast maken ook andere wetten een MER feitelijk noodzakelijk, zoals de Landsverordening maritiem beheer en de Hinderverordening 1994. In die laatste is zelfs opgenomen dat activiteiten kunnen worden aangewezen waarvoor een MER verplicht is, al is zo’n besluit nooit genomen.

Steun uit jurisprudentie

Sybesma verwijst naar de Isla-zaak van 2020, waarin de rechter oordeelde dat de overheid internationale standaarden, zoals die van de WHO, moet hanteren als lokale normen ontbreken. Een vergelijkbare redenering geldt volgens hem voor MER: internationale standaarden en methodieken, zoals ISO-richtlijnen of de Nederlandse MER-systematiek, kunnen worden toegepast.

Het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (EVRM) biedt volgens Sybesma een extra waarborg. Ernstige milieuschade kan een schending vormen van het recht op leven (artikel 2) en het recht op privé- en gezinsleven (artikel 8). Europese rechtspraak bevestigt dat staten verplicht zijn burgers hiertegen te beschermen.

Afdwingbaar door burgers

Onder de streep betekent dit volgens Sybesma dat een MER integraal onderdeel moet zijn van de vergunningsprocedure bij grootschalige of risicovolle projecten. Burgers en belanghebbenden kunnen via juridische procedures – zoals een verzoek op grond van de Landsverordening Openbaarheid van Bestuur (LOB) of een beroep bij het gerecht (LAR) – afdwingen dat een MER wordt opgesteld en dat vergunningen worden geweigerd of van strenge voorwaarden voorzien.

“Een MER is niet alleen goed beleid, het is vaak ook een juridische noodzaak,” concludeert Sybesma.


2.508 keer gelezen

Deel dit artikel: